Historisch overzicht door meester van Dijk (3/3)
Hieronder het derde en laatste deel van de letterlijke tekst van een toespraak gehouden net na de oorlog door meester J.F. van Dijk voor ouders en bestuursleden.
Het vak Lichamelijke Oefening moest nu onverwijld worden ingevoerd in 1941 en vroeg een plaats op het rooster. De heer J. Groeneveld is een tijdlang gymnastiekleraar geweest, later opgevolgd door den heer J. Wienke te Delfzijl.
Het punt schoolartsendienst kwam aan de orde, doch werd door het bestuur afgewezen. In 1941 moest ook het vak Duits op het rooster een plaats hebben. (...) Wanneer er ooit een vak door ons gesaboteerd is, dan is het wel het vak Duits geweest.
19 Februari 1942, een gewichtige datum voor onze school. Het bestuur heeft samen met het voltallige personeel vergaderd. In volle harmonie, overtuigd van een heilig moeten, werd daar door het bestuur en door het personeel, gezamenlijk besloten, de gehoorzaamheid aan de overheid op te zeggen, omdat dit volgens onze consciëntie voor Gods aangezicht, onze plicht was. Dit geschiedde naar aanleiding van de zogenaamde benoemingsverordening, waarbij de bezetter feitelijk de kwestie van benoeming en ontslag van personeel aan zich wilde trekken, iets, wat wij nimmer kunnen dulden, een zaak waarvoor onze vaderen zo lang hebben gestreden, een feit, dat wij nooit mogen loslaten, in gehoorzaamheid aan onze Koning Jezus Christus. Dit is een feit, dat ten volle dient gememoreerd te worden. Het besluit hield in dat als de bezetter het bestuur op zij zou zetten, wij als personeel dan met het bestuur zouden heengaan en niet zouden blijven. Dit advies was ons gegeven door de schoolraad en werd door bijna alle schoolbesturen opgevold. Het was een kritiek ogenblik. Het directe gevolg er van was, dat men het moderamen van de schoolraad aanstonds gevangen zette. Doch een totaal aantasten van ons christelijk onderwijs, heeft de bezetter, mede het massaal verzet, niet aangedurfd.
Grote steun hebben we toen gehad aan onze zogenaamde kringvergadering te Siddeburen, waar besturen en personelen van verschillende scholen uit de omtrek in het geheim samenkwamen en meestal broederlijk en eendrachtig onze besluiten namen ten aanzien van de bezetter. Zo ook het aanplakken van reclamebiljetten voor de Nationale jeugdstorm in en op onze scholen, wat eendrachtig door onze besturen geweigerd werd.
Tenslotte kregen we nog de invoering van het 7e en 8e leerjaar, wat over het geheel genomen als mislukt dient te worden beschouwd.
Zo staat de school op dit ogenblik nog ongebroken te midden van de branding van onze tijd. Als er één ding uit de grijpklauwen van het nationaal-socialistische monster is te voorschijn gekomen, dan is het wel onze christelijke school, doch niet aan ons, maar aan God de eer. In Godes kracht en onder Zijn zegen gaan wij met onze arbeid verder. God bevrijdde Nederland, Hij bevrijdde ook ons christelijk onderwijs van zware druk. Wij beliepen averij, soms zware averij, maar Gode zij dank staat het christelijk onderwijs in Nederland, in zijn kern gezond en krachtig, recht op zijn fundamenten. Een onwrikbaar geloof houde ons wakker en onze eendracht make ons sterk. God de Heere zegene het werk onzer handen.